Succesvol samenwerken: ‘Toon lef om het bestuurlijk wat meer los te laten’

04-03-2022 404 keer bekeken 0 reacties

Met elkaar in gesprek over de samenwerking tussen onderwijs, jeugdzorg en gemeente is helemaal niet zo vanzelfsprekend. Door het inrichten van de ontwikkeltafels is er iets unieks gecreëerd in Twente.

Wethouders Hilde Berning, Pieter van Zwanenburg en Claudio Bruggink blikken terug op de samenwerking van de afgelopen jaren.

Van gesprekken over ‘contracten’ naar gesprekken over de inhoud

Claudio: ‘Ik vind de samenwerking met zorg- en onderwijsbestuurders heel verfrissend. Voorheen ging het gesprek vaak over het afsluiten van contracten en financiën. Door de ontwikkeltafels gaat het gesprek over de inhoud. Ik zie nu beter waar een zorginstelling tegenaan loopt, welke problemen zij ervaren. Bij het gesprek over het ‘zorgvolume’ bijvoorbeeld. Hierin is onze werkelijkheid heel anders dan de werkelijkheid van zorgaanbieders. Door open het gesprek aan te gaan, ontstaat er begrip voor de situatie waar we in zitten. Dat leidt tot aanpassingen om een goed beheersbaar stelsel te krijgen, waarin kinderen/gezinnen de goede zorg krijgen en gemeenten het goed kunnen opvangen in hun begroting. De tegengestelde belangen worden nu beter gevoeld door alle partijen.’ Hilde haakt aan: ‘We moeten structureel blijven investeren om dilemma’s op tafel te krijgen. Als we dat niet goed doen, dan hebben we tijdelijk geweldig samengewerkt, maar dreigen we dat op de lange termijn te verliezen.’

‘Twente is uniek, maar we moeten het probleem niet uniek maken’

Pieter: ‘We pakken ontwikkelopgaven met meerdere partijen op, dat levert veel voordeel op. Elke discipline heeft er wel een opvatting over. Als je al die opvattingen bij elkaar brengt, doe je aan waardevermeerdering. We leren ook veel van andere regio’s, waar pilots al van de experimenteerfase in de praktijk zijn gebracht. Twente is uniek, maar we moeten het probleem niet uniek maken, als het elders in Nederland al succesvol draait. Van elkaar leren kun je ook heel klein maken. Ik adviseer elke bestuurder om regelmatig mee te lopen in de dagelijkse praktijk. Dan zie je pas echt waar het over gaat. Je hebt (kleine) voorbeelden nodig om in het groot de waardering en het vertrouwen te voelen.’

‘Als je samenwerkt moet je het lef hebben om te experimenteren en het bestuurlijk wat meer los te laten’

Hilde: ‘We doen het echt samen in Twente. De bereidheid om vanuit elkaars perspectief te kijken, vind ik het mooiste. Nu staan we voor de uitdaging om het goed in te richten met elkaar: van incidentele financiering naar structurele financiering. Tijdens de experimenteerjaren zijn we het allemaal eens, maar nu we het willen borgen in alle organisaties vinden we het heel spannend.’ Pieter haakt aan: ‘Ja. kijk maar naar de pilot ‘Hoog specialistische zorg’. Iedereen is het op de inhoud eens, maar we zijn maanden aan het verbranden om een goede vorm te vinden. Omdat we nog niet goed weten waar de pilot op uitkomt, ontstaat er een soort reflex dat we het bij onszelf moeten houden. Ik moet bij dit voorbeeld ook denken aan managementdenker Stephen Covey en zijn metafoor van de ‘emotionele bankrekening’. Dit staat voor het vertrouwen dat je opbouwt binnen werkrelaties. Als je met aandacht luistert en oprecht interesse toont in de ander, bouw je een tegoed op, op ‘de emotionele bankrekening’. Zo zie ik dat ook voor de Ontwikkeltafels: als je een paar jaar samenwerkt moet je ook het lef hebben om meer te experimenteren en het bestuurlijk wat meer los te laten’.

‘Trots op waar we nu staan in de samenwerking’

Pieter vervolgt: ‘Dat in de zomer van 2022 de ontwikkeltafels stoppen betekent niet dat we klaar zijn. Sterker nog; we staan aan de vooravond staan van vele ontwikkelingen.’
Claudio sluit zich daarbij aan: ‘We moeten ons wel steeds blijven afvragen wat er bestuurlijk nodig is. Ik blijf mij bijvoorbeeld niet jaar en dag bezighouden met de jeugdbeschermingstafels. Dat is nu ingericht, het loopt en is ambtelijk weggezet. Bestuurlijk kan ik mij dan richten op nieuwe innovaties of thema’s die er op dat moment toe doen.’

Hilde stelt tot slot: ‘Ik denk dat we door de Twentse Regiovisie Jeugdhulp een mooie basis hebben staan, waarmee we de ontwikkelopgaven voor de komende jaren verder vormgeven. Maar laten we niet vergeten wat we de afgelopen jaren allemaal al hebben bereikt. We mogen trots zijn op waar we nu staan. We weten elkaar goed te vinden en zijn bereid om verschillen te overbruggen.’

Cookie-instellingen